|
Toen de Britse regering zich ooit bemoeide met monetaire eenwording hield de toenmalige Franse minister van Financiën, Dominique Strauss-Kahn (DSK) de Britten een levensles voor. ‘Een monetaire unie is als een huwelijk’, zei hij. ‘Mensen die zijn getrouwd, willen geen andere mensen in de slaapkamer’. DSK, intussen wereldbekend expert inzake slaapkamers, had in monetair opzicht gelijk. Een monetaire unie is een begrotingshuwelijk.
Europese leiders komen deze week voor de vijftiende keer in twintig maanden bijeen om het huwelijk te redden. Niemand heeft een pasklaar antwoord, terwijl de Amerikaanse regering – in diepe schuld weggezakt – optreedt als huwelijksconsulent. President Obama raadt Europa aan de drukpers van de Europese Centrale Bank (ECB) op volle toeren te zetten, zoals hij zelf deed. De Amerikaanse centrale bank drukte twee biljoen dollar bij, maar de economie blijft stagneren terwijl de overheidsschuld explodeert.
De Duitse regering zit op het spoor van begrotingsdiscipline en germaniseert de eurozone. Een monetaire unie vereist begrotingsdiscipline met gelijke criteria die extern kunnen worden afgedwongen. Het stabiliteitspact, ooit een Duitse eis, verwaterde. Duitsland legt nu op wat tien jaar geleden had moeten gebeuren: een unie rond hervormingsbeleid. Intussen is de eurozone een schuldverslaafde op zoek naar meer schuld, via euro obligaties of een ECB die massaal geld bijdrukt. Berlijn houdt die deur dicht zolang de rest van de eurozone niet is onderworpen aan de Teutoonse begrotingspolitiek.
De Europese topontmoetingen tonen een psychologische verschuiving. Toen de Eurocrisis uitbrak, zette Frankrijk de toon. Bondskanselier Merkel stemde in met een Euro Reddingsfonds onder druk van president Sarkozy die dreigde de monetaire unie te verlaten. Sarkozy was sneller en bitsig, terwijl Merkel onwillig volgde. Dat is gekeerd. Merkel kreeg met een noeste vasthoudendheid de overhand en de tragikomische Sarkozy zingt een toontje lager.
In de Bondsdag vergeleek Merkel vrijdag de race om de euro te redden met een marathon, maar voor Sarkozy moet het een sprint zijn. Zijn herverkiezing in mei 2012 hangt af van de Franse kredietwaardigheid. Volgende maand moet Frankrijk 53 miljard euro lenen om zijn schuld te herkapitaliseren. Lukt dat als de uitgifte van Duitse obligaties vorige maand al zo moeizaam verliep?
Sarkozy’s tegenkandidaat, de socialist François Hollande, publiceerde een campagneboek getiteld le rêve français, de Franse droom. Hij doet honderd pagina’s over de beschrijving terwijl enkele woorden volstaan: le beurre et l’argent du beurre. Letterlijk: ‘de boter en het geld van de boter’. De Fransen willen leven als God in Frankrijk en eisen het geld er gratis bij. De 35-urige werkweek is een sociale verworvenheid, terwijl het pensioen ingaat op 60 (pas verhoogd naar 62!). De burger laaft zich aan een enorme rechtencatalogus en staakt (c’est mon droit) indien er niet wordt geleverd. De publieke sector is onaantastbaar met machtige vakbonden die het land zonder pardon platleggen. De Franse politiek stelt de imperatieven; de economie wordt geacht te volgen, zoals een adjudant de generaal.
Maar dat gebeurt niet. In de laatste dertig jaar heeft Frankrijk nooit een begrotingsoverschot gehad. Vandaag bedraagt het Franse begrotingstekort 5,7 procent, terwijl de staatsschuld opliep van 64,9 procent van het bnp in 2004 naar 86,2 procent nu. Ook de Franse concurrentiepositie ziet er slecht uit. In de laatste tien jaar evolueerde Frankrijk van een overschot naar een tekort op de betalingsbalans, terwijl Duitsland steeds grotere overschotten boekte.
Frankrijk is economisch een natie op lemen voeten, maar de Franse politieke klasse leeft in staat van ontkenning. Er is ‘boter’, maar er het geld van de boter is weg: de Franse droom is een natte droom. Met die slogan wint Sarkozy geen presidentsverkiezingen. In plaats daarvan zoekt hij Duits geld bij de Franse boter.
Franse politici (links of rechts, het maakt niet uit) moeten luisteren naar Jin Liqun, voorzitter van de China Investment Corporation (CIC), met in kas een vermogen van honderden miljarden dollars waar de schuldverslaafde eurozone naar snakt. In de Daily Telegraph (20-10-2011) zegt hij: ‘De kern van het probleem in Europa is de overbelaste welvaartsstaat, die luiheid en traagheid bevordert en hard werken bestraft. Europeanen moeten harder, langer werken en innovatiever zijn’. Voilà, de woorden van een Chinese communist.
De logica ‘monetaire unie = begrotingsunie’ is ingrijpend. Aangezien devaluatie onmogelijk is, worden alle landen gedwongen tot beperking van de overheidssector, versobering van de sociale zekerheid, liberalisering van arbeidsmarkt, beperkte lasten voor bedrijven en beperking van vakbondsmacht. Kortom: als het concurrentievermogen wordt beschadigd, wordt de euro ondermijnd.
De filosofische uitkomst van dit proces is Friedman, niet Keynes. Vooral Europese socialisten en groenen hebben dit nog niet begrepen. Hoe harder ze roepen om behoud van de euro, hoe meer reclame ze maken voor de lessen van Friedman, een naam die ze uitspugen. Het behoud van de euro met de ijzeren begrotingsdiscipline van Merkel is het einde van de Franse droom. De Fransen beseffen dit nog niet en daarom worden ze volgend jaar wakker in een nachtmerrie.
|